Duurzaam

De wereld kan op waterstof rekenen

Om verdere opwarming van de aarde zoveel mogelijk tegen te gaan, moeten we de uitstoot van broeikasgassen geleidelijk staken. Dat betekent in de praktijk stoppen met het verbruik van fossiele brandstoffen, zoals olie en gas. Dat is mogelijk door te elektrificeren, zoals nu al met de auto gebeurt. De cv-ketel kan worden vervangen door een elektrische warmtepomp. Voorwaarde is dan wel dat er voldoende groene stroom is, via bijvoorbeeld wind en zon.

Maar dan zijn we er nog niet. Anders dan olie en gas is stroom veel moeilijker op te slaan. Die opslag is noodzakelijk om op piekmomenten of op dagen zonder wind niet zonder elektriciteit te zitten. Ondanks de verbeterde technologie blijft het gebruik van accu’s duur. Veel beter is het om de stroom op te slaan als groene waterstof. Dat kan bijvoorbeeld in lege zoutcavernes, zoals dat nu al gebeurt met aardgas.

„Het voordeel van waterstof is dat veel van de benodigde technologie al lang bestaat”, zegt Ad van Wijk, hoogleraar toekomstige energiesystemen in Delft. „Doordat stroom uit wind en zon zo goedkoop aan het worden is, krijgt de ontwikkeling van waterstof nu een enorme impuls. Drie jaar geleden spraken we nog nauwelijks over waterstof, terwijl wij het al decennia gebruiken. Vijftig jaar geleden werd vloeibare waterstof al gebruikt bij raketlanceringen.” Link

Een groen land met brede rivieren – 2120

Om met het goede nieuws te beginnen: we hoeven niet grote delen van Nederland aan de golven prijs te geven om over honderd jaar nog veilig te kunnen leven. „Wij denken dat de verwachte zeespiegelstijging van anderhalve meter er niet toe leidt dat we het halve land moeten ontvolken”, zegt landschapsontwerper en onderzoeker Michaël van Buuren, een van de auteurs van een kaart van Nederland over honderd jaar, gemaakt door twintig onderzoekers van Wageningen University and Research op basis van de huidige kennis en inzichten over klimaat.

Wél zal Nederland in 2120 ingrijpend op de schop moeten zijn genomen, willen we er met de dan twintig miljoen inwoners veilig, gezond, welvarend en in harmonie met de natuur kunnen leven. En zet onverhoopt de zeespiegelstijging ineens toch veel krachtiger door? „Dan hebben we in elk geval een ontwikkeling in gang gezet die volgens ons hoe dan ook noodzakelijk is”, aldus Van Buuren. Link

Nederlands gezin steunt boerensector met 500 euro per jaar

De Algemene Rekenkamer becijferde in mei van dit jaar dat tweederde van de Europese inkomenssteun voor Nederlandse boeren naar agrariërs gaat met een bovenmodaal inkomen. Het onderzoek liet zien dat de gelden die Nederland jaarlijks uit Europa ontvangt, grotendeels ondoelmatig worden besteed. Ruim eenderde van de Nederlandse boeren die subsidie ontvangen zou ook zonder die inkomenssteun al bovenmodaal verdienen, terwijl deze subsidiepot er speciaal is om boeren te voorzien van een ‘redelijke levensstandaard’.

Hoge landbouwsubsidies stimuleren overproductie en schaalvergroting

Minister Wopke Hoekstra van Financiën liet in mei in een toespraak in Berlijn weten dat Nederland in Europees verband al langer kritisch is over de hoge landbouwsubsidies in de EU, omdat die overproductie en schaalvergroting stimuleren. Volgens hem kan dat beter besteed worden aan (groene) technologische ontwikkeling en innovatieve bedrijven. Link

Hier redden we ons wel

Ze had er weer een in haar postvak, van een veeboer ditmaal. Beste mevrouw De Coninck, volgens mij zit het helemaal anders met dat klimaat. Want klimaatwetenschappers zoals u zeggen nou wel dat het probleem bij de veesector zit, maar intussen is de veestapel gekrompen terwijl de temperatuur verder omhoog is gegaan.

Ja, mevrouw De Coninck van de Radboud Universiteit: hoe zit dat nou?

‘Ik probeer dat soort vragen altijd te beantwoorden. Zo van: er zijn meerdere oorzaken, en het probleem is wereldwijd, niet alleen Nederlands. Ik krijg geregeld van die half aanvallende mailtjes: het is toch allemaal onzin, die wetenschap. Maar dit is gewoon iemand met een oprechte vraag. Ik voel me dan verantwoordelijk om daarop in te gaan.’

Allemaal weten ze Heleen de Coninck (42) te vinden, de klimaatontkenners en de klimaatdrammers en de klimaatbezorgden. Een scholier vroeg haar: ik maak me zorgen om het klimaat, wat voor opleiding moet ik nou doen? Een gepensioneerde heer stuurt haar epistels waaruit moet blijken dat het allemaal reuze meevalt met de klimaatverandering. Anderen sturen haar juist sombere overpeinzingen: wat hebben klimaatregelen eigenlijk voor zin, Rusland en China doen toch niet mee. Link

Niets doen is ook een besluit met gevolgen

De ernst van de situatie wordt nog altijd niet beseft. We staan werkelijk voor een existentiële crisis. Een ramp die alleen af te wenden is door een radicale transformatie van onze samenleving, onze economie en onze waarden, wat we belangrijk vinden in het leven. En niet alleen in Europa, maar ook in Amerika, in China en India. Maar er is moed voor nodig om onder ogen te zien hoe moeilijk dat is.

„Bij mij daagde dat besef, toen ik ‘Deep Adaptation (Diepe aanpassing); een wegwijzer om ons door de klimaatcatastrofe te leiden’ las, een artikel van Jem Bendell, hoogleraar aan de Universiteit van Cumbria in Engeland. Hij laat zien dat het onwaarschijnlijk is dat we de CO2-uitstoot voldoende kunnen verminderen. Daarom moeten we ons erop voorbereiden dat het niet lukt.

„We moeten de mogelijkheid onder ogen zien, zegt hij, dat de temperatuur meer dan 2 graden zal stijgen. En dat er daardoor niet voor iedereen voldoende water en voedsel meer zal zijn. Wat tot grote sociale conflicten zal leiden, oorlogen en uiteindelijk tot een totale ineenstorting van onze samenleving.

„Dat kan allemaal relatief snel gebeuren. In vakkringen spreekt men bijvoorbeeld van een ‘multiple breadbasket failure’, een situatie waarbij er in veel regio’s grote droogte heerst en de oogsten mislukken. Binnen het leven van één mens kan de samenleving daardoor totaal ontwricht raken. We gaan dan een heel duistere toekomst tegemoet. Link

Het is niet meer 5 voor 12, de klok heeft al 12 uur geslagen

‘Ik ga de wereld proberen te redden.” Dat zei Peter Bakker op een avond, najaar 2011, tegen een van zijn beste vrienden. De oud-bestuursvoorzitter van post- en koeriersbedrijf TNT was net gevraagd als baas van de World Business Council for Sustainable Development in Genève. Na een paar gin-tonics vroeg die vriend: „En denk je ook dat het je gaat lukken?”

Op zijn positieve dagen schat Bakker de kans „10 tot 20 procent” dat we erin slagen binnen de grenzen van de planeet te gaan leven, ook als de wereldbevolking doorgroeit tot de voorspelde 9 miljard mensen. Op zijn negatieve dagen houdt hij de kans op „1 tot 5 procent”. Een kleine greep uit de lange lijst ontzaglijke problemen: armoede, ontbossing, overbevissing, klimaatverandering. Link

Weg met het laatste taboe

Juist jonge mensen die zich zorgen maken om be­vol­kings­groei moedig ik aan om twee kinderen te krijgen die ze proberen ver­ant­woor­de­lijk­heid aan te leren voor hun CO2-uitstoot en de planeet. Link

“Een fietsende vegetariër …

… die nooit vliegt, levert een flinke bijdrage. Peanuts echter vergeleken met mensen die kinderloos blijven”.

Heel wat mensen denken dat ze met een elektrische wagen een puike bijdrage leveren. Een Tesla zegt zeker iets over je inkomen en suggereert milieubewustzijn – een rijdende blauw-groene as als het ware – maar doet weinig voor het milieu. Is dat zo? Een Zweedse studie – zie Environmental Research Letter, 2017, 12 – berekende voor economisch hoog ontwikkelde landen als het onze wat verschillende persoonlijke gedragswijzigingen opleveren aan verminderde uitstoot.

Overschakelen op een elektrische auto spaart een halve ton CO2 per jaar, ongeveer evenveel als je kleren koud wassen en geen droogkast gebruiken. Doeltreffender is vegetariër worden. Dat reduceert de jaarlijkse CO2-uitstoot met 0,8 ton. Door niet heen en weer trans-Atlantisch te vliegen, spaar je telkens 1,6 ton uit. Nooit meer een auto gebruiken bespaart 2,4 ton per jaar. Een fietsende vegetariër die nooit vliegt, levert dus wel degelijk een flinke bijdrage.

Maar het is peanuts vergeleken met mensen die per jaar 58,6 ton uitstoot uitsparen, jaar na jaar, door kinderloos te blijven. Kinderen krijgen op hun beurt kinderen. Een geboorte veroorzaakt daardoor een exponentiële toename van CO2-uitstoot. Enkel kinderloze vrouwen kunnen met recht en rede scanderen “klimaat is mijn maat”. Link

Ik heb een allergie voor onzin

Vooral in de Verenigde Staten wordt de pseudosceptische bubbel in stand gehouden met geld uit de fossiele industrie. De Koch-broers, die rijk werden door de petroleumhandel, financieren denktanks die quasi-wetenschappelijke rapporten leveren om twijfel te zaaien. Fossiele reuzen als Shell en BP gaven bakken met geld uit aan een desinformatiecampagne, om beleidsmakers zand in de ogen te strooien. Maar de situatie in Nederland is onvergelijkbaar. Oké, recentelijk werd bekend dat vastgoedmiljonair Niek Sandmann een nieuwe onderzoeksgroep wil oprichten omdat hij de rapporten van het VN-klimaatpanel niet vertrouwt, maar over het algemeen lijkt geld niet de belangrijkste motivatie voor de Nederlandse twijfelzaaiers. Link

De Onbewoonbare Aarde

Bij de Bezige Bij verschijnt deze maand “De Onbewoonbare Aarde”, een vertaling van “The Uninhabitable Earth” van David Wallace-Wells. In 2017 publiceerde New York Magazine een lang artikel van Wallace-Wells met dezelfde titel. Dat artikel werd stevig bekritiseerd, ook vanuit de klimaatwetenschap. Deels ging die kritiek over de inhoud. Op een aantal punten gaf het artikel een onjuiste weergave van de wetenschap en op enkele andere punten ontbrak context, waardoor beweringen die op zich niet onwaar waren toch een verkeerde indruk van wetenschappelijke resultaten gaven. Daarnaast was er het nodige commentaar op de toonzetting van het stuk. Volgens Wallace-Wells was het bedoeld als een overzicht van worst-case scenario’s. Maar in plaats van als een verhaal over wat er in het uiterste geval zou kunnen gebeuren als werkelijk alles tegenzit, leest het meer als een aankondiging van een onafwendbaar doemscenario. Link

Eerste waterstoffabriek op zee

Dunkelflaute Een waterstofindustrie op zee kan bovendien de oplossing zijn voor een van de grote problemen in een toekomst met vooral hernieuwbare, weersafhankelijk energie van zon en wind. De Dunkelflaute. Het gaat om de winterse periodes van dagen, soms weken, waarin geen glimp zon te zien is en waarin de wind nagenoeg afwezig is. Sta je daar met je zonne- en windparken.

Een van de oplossingen is elektriciteit op te slaan in grote batterijen, maar dat is niet te betalen. Nog wel om dagelijkse dipjes van minuten, desnoods uren op te vangen, maar niet om hele landen dagenlang van stroom te kunnen voorzien. Energie opslaan in batterijen is honderdmaal duurder dan opslaan in de vorm van waterstof, berekende certificeringsinstituut Kiwa vorig jaar.

Het geld is er, nu moet het consortium gaan kiezen op welk platform het eerste waterstoffabriekje komt te staan. Er zijn vier kandidaten: een van de Nam, een van Taqa, een van Total en een van Neptune. De gelukkige winnaar moet op het stroomnet op zee worden aangesloten, want stroom is essentieel.

Plaatsing van de hydrolyzer is een betrekkelijk eenvoudige klus. De pilot is bedoeld om te zien hoe de hydrolyzer zich op zee gedraagt. Want het moge simpele techniek zijn, je moet bijvoorbeeld wel heel schoon water gebruiken. Zout water kan niet: dat levert bij elektrolyse geen waterstof op, maar chloorgas. ‘Misschien gaan we zeewater ontzilten, misschien is het opvangen van regenwater al voldoende’, zegt René Peters van TNO. Link

Warmt CO2 het klimaat echt wel op?

Als een veenbrand wordt het debat over het klimaatbeleid van onderaf brandende gehouden door een losvast netwerk van enkele tientallen klimaatsceptische geleerden, allen gepensioneerd en haast allen ingenieur. Hun klacht: we zijn veel te geobsedeerd door CO2, het is nog maar de vraag of de klimaatwetenschap wel klopt. Hebben ze een punt? We hielden vier van de steeds terugkerende kwesties tegen het licht – en gingen bij de heren op de koffie. Link

Elk duurzaam alternatief heeft een ‘vuile’ kant

De warmtepomp haalt een beetje warmte uit de buitenlucht of de bodem, en hij genereert de overige energie met stroom.

Daar zit de crux: die stroom moet wel groen zijn. Als Nederlanders massaal een warmtepomp ophangen is van milieuwinst geen sprake, waarschuwen hoogleraren zoals David Smeulders van de TU Eindhoven. Kolencentrales, die het kabinet tot uiterlijk 2030 openhoudt, zullen vuile stroom aanleveren. Als de kolencentrales dicht zijn, creëert een hausse van warmtepompen alsnog ‘een behoefte waarin ons land paradoxaal genoeg juist door gascentrales zal moeten worden voorzien’, waarschuwde ook hoogleraar Machiel Mulder van de Rijksuniversiteit Groningen. 

Een dak vol zonnepanelen helpt om eigen stroom te maken voor een warmtepomp, maar op bepaalde momenten, zoals winterse kou, blijft energie van het stroomnet nodig. Bij het milieuverantwoord stoppen met aardgas zijn grote aantallen extra windparken en zonneparken, die het concept-Klimaatakkoord belooft, onmisbaar. Link

Hoe rijker, hoe viezer

We zijn niet allemaal even verantwoordelijk voor de almaar groeiende ecologische crisis.

De helft van de wereldwijde CO2-emissies is afkomstig van de rijkste tien procent. In Nederland stoten tien bedrijven drie keer zo veel uit als alle huishoudens bij elkaar. Tussen 1820 en 2010 groeide de uitstoot van broeikasgassen met een factor 654,8, terwijl de wereldbevolking toenam met een factor 6,6.

In de landen waar de bevolking het hardst groeit stoot de gemiddelde burger de minste broeikasgassen uit. Zo groeide de bevolking van China tussen 1980 en 2005 jaarlijks met 1,1 procent, terwijl de CO2-uitstoot toenam met 5,9 procent. In Tsjaad, een land met een snelle bevolkingsgroei, dáálden de emissies zelfs. Noord-Amerika omvat slechts vijf procent van de wereldbevolking, maar is wel goed voor bijna een vijfde van de totale wereldwijde emissies. Over het algemeen lijkt eerder te gelden: hoe rijker, hoe viezer.

In de eerste week van augustus stond er één enkel verhaal in de weekendbijlage van The New York Times. Het telde meer dan dertigduizend woorden en was het langste artikel dat de krant ooit had gepubliceerd. Journalist Nathaniel Rich had zich twee jaar lang verdiept in de manier waarop er in de jaren tachtig werd gepraat en gedacht over de opwarming van de aarde. Dat was het decennium waarin we er, volgens de auteur, ‘bijna in waren geslaagd om klimaatverandering een halt toe te roepen’. In principe stonden alle seinen op groen: wetenschappers hadden voldoende bewijs voor alarmerende prognoses, zowel Republikeinen als Democraten waren overtuigd van de ernst, zelfs de industrie had de hakken nog niet in het zand gezet. En tóch lukte het niet. Hoe is dat mogelijk? Rich sprak met talloze wetenschappers, politici en ambtenaren en kwam uiteindelijk tot de volgende verklaring: het is de menselijke natuurLink

Scroll to Top