Voor Britten en Amerikanen blijven Europeanen de meest voor de hand liggende vrienden

In een aflevering van de BBC-comedyserie ‘Yes, Minister’ in 1980 vatte een fictieve hoge ambtenaar het Britse beleid aldus samen: “Het ministerie van buitenlandse zaken is pro-Europa omdat het eigenlijk anti-Europa is. We wilden er zeker van zijn dat de Europese Economische Gemeenschap een mislukking werd. Daarom werden we lid.”

Helemaal uit de lucht gegrepen was de grap niet. De toetreding tot de EEG in 1973 werd behalve door economische motieven ook ingegeven door de wil om invloed te kunnen uitoefenen op het eenwordingsproces. Ook in vroeger eeuwen hadden de Britten het nooit op al te machtige blokken aan de overkant van Het Kanaal gehad. Als Europa verdeeld was, was er weinig militaire macht wat gunstig was voor de Britse veiligheid. Ook later was de steun van Londen voor uitbreiding van de EU met landen in Oost-Europa deels terug te voeren op het vooruitzicht dat al die nieuwkomers natuurlijk voor meer gekissebis in Brussel zouden zorgen. Link

Scroll to Top